
De waarde van de RO-titel
SVRO beheert het RO-register, bewaakt de kwaliteit van de titel en ziet toe op permanente educatie. Maar wat betekent de RO-titel voor de loopbaan van auditors? En hoe blijft de titel relevant nu audit steeds meer raakt aan risk, compliance, governance en management? Een gesprek met Jeannette Morsch, voorzitter van de SVRO.
Welke rol speelt SVRO?
“Onze belangrijkste taak is het beheren van het register. We beoordelen aanvragen van professionals die willen toetreden, verwerken uitschrijvingen en toetsen jaarlijks of RO’s aan hun verplichtingen voor permanente educatie hebben voldaan. Maar onze rol houdt niet op bij de inschrijving. We organiseren activiteiten voor RO’s, zoals de RO Masterclass en webinars. Ook accrediteren we de universitaire RO-opleidingen. Zo bewaken we de kwaliteit bij de instroom én tijdens de verdere loopbaan. Het doel is niet om zo veel mogelijk mensen in het register te krijgen. We willen dat registerleden goed zijn opgeleid, relevante werkervaring hebben en hun kennis blijven onderhouden.”
Waar ligt de grens?
“SVRO bewaakt de kwaliteit, maar bepaalt niet alles alleen. Universiteiten, werkgevers, beroepsorganisaties en professionals hebben ieder een eigen verantwoordelijkheid. Met universiteiten bespreken we wat het vakgebied nodig heeft en hoe opleidingen daarop kunnen aansluiten. Werkgevers moeten ruimte bieden voor ontwikkeling. Van professionals verwachten we dat zij zelf verantwoordelijkheid nemen voor hun vakbekwaamheid.”
Wat brengt de RO-titel?
“De opleiding geeft een brede basis. Je leert niet alleen hoe je een audit uitvoert, maar vooral hoe je kijkt naar organisaties, interne beheersing en governance. In zekere zin is het ook een opleiding in organisatiekunde. Die kennis is bruikbaar binnen audit, maar ook in leidinggevende en andere verantwoordelijke functies. De titel laat zien dat iemand over een bepaald kennisniveau, relevante ervaring en professionele kwaliteit beschikt.”
Opent de titel deuren?
“Dat verschilt per organisatie. Bij sommige werkgevers is de RO-titel een expliciete functie-eis. Elders kijkt men vooral naar kennis en ervaring. De opleiding vormt in ieder geval een sterke basis voor functies binnen audit, risk, interne beheersing, governance en management. Een RO leert de hele organisatie te overzien en verbanden te leggen tussen processen, gedrag, risico’s en sturing. Dat zijn ook in seniorfuncties belangrijke kwaliteiten.”
“Veel werkgevers en bestuurders weten onvoldoende wat een RO precies doet en kan. Dat zie je soms terug in vacatures”
Is de titel bekend genoeg?
“Nog niet overal. Titels als RA, RC en RE zijn op de arbeidsmarkt vaak bekender. Veel werkgevers en bestuurders weten onvoldoende wat een RO precies doet en kan. Dat zie je soms terug in vacatures. Daarin wordt bijvoorbeeld om een RA gevraagd, terwijl de functie-inhoud sterker aansluit bij de achtergrond van een RO. Dat geldt vooral voor functies waarin governance, interne beheersing en organisatiebesturing centraal staan. De inhoudelijke waarde van de titel is er, maar we moeten die beter uitleggen. Daar ligt een belangrijke ambitie voor SVRO en IIA Nederland.”
Hoe groeit de bekendheid?
“SVRO en de universiteiten hebben er belang bij dat het vakgebied zich ontwikkelt en meer professionals voor de opleiding kiezen. Er gebeurt al het nodige. Er is een scriptieprijs, IIA Nederland heeft campagne gevoerd voor het auditvak en het vak krijgt aandacht op carrièrebeurzen. Daarnaast willen we nadrukkelijker de verbinding zoeken met hogescholen en met bestaande post-hbo-opleidingen. De stap naar de RO-opleiding moet logisch en aantrekkelijk worden. Nu kiezen mensen vaak voor de opleiding, omdat zij iemand kennen die haar al heeft gevolgd. Het zou mooi zijn als de arbeidsmarkt de opleiding breder gaat zien als een herkenbare loopbaanroute.”
Hoe veranderen opleidingen?
“Via de accreditatie bewaken we de kwaliteit van de opleidingen. Daarnaast spreken we met universiteiten over ontwikkelingen in het vak en over het curriculum. In Amsterdam wordt inmiddels in het Engels lesgegeven. In Rotterdam wordt onder meer bekeken hoe het onderwijs meer vanuit het model van de drie lijnen kan worden ingericht.”
En de praktijk?
“Ook de praktijk verandert. Professionals werken vaker op het snijvlak van internal audit, risk en andere tweede- en derdelijnsfuncties. Daardoor ontstaan nieuwe vragen over toelating tot het register. Bij kandidaten die vooral binnen riskmanagement hebben gewerkt, moeten we bijvoorbeeld beoordelen of hun ervaring voldoende aansluit bij het profiel van een RO. Voor zulke gevallen bouwen we een toelatingscommissie op met ervaren en prominente RO’s. De individuele beoordelingen kunnen aanleiding geven om de toelatingscriteria in de toekomst te verduidelijken of aan te passen.”

Voor vandaag én morgen?
“Een goede RO-opleiding moet meer bieden dan vaktechniek. Een auditor moet onderzoek kunnen uitvoeren en een professioneel oordeel kunnen vormen. Maar een RO moet ook begrijpen hoe een organisatie werkt en waarom bepaalde problemen blijven terugkeren. Daarbij spelen cultuur, governance, gedrag en leiderschap vaak een belangrijke rol. Juist die brede blik is nodig voor toekomstige seniorrollen. De auditor moet niet alleen bevindingen rapporteren, maar ook kunnen uitleggen wat een organisatie nodig heeft om haar beheersing duurzaam te verbeteren.”
PE: plicht of instrument?
“Het is beide. Permanente educatie is nodig om de vakbekwaamheid op peil te houden. Actieve RO’s moeten jaarlijks een vastgesteld aantal PE-punten behalen. Voor RO’s die niet meer actief zijn in het vak geldt een lager aantal. Maar het mag niet uitsluitend om punten draaien. Met activiteiten als de RO Masterclass kijken we breder naar ontwikkelingen binnen organisaties en in de samenleving, en naar de bijdrage die een RO vanuit het vak kan leveren. De PE-verplichting helpt professionals bovendien om bij hun werkgever tijd en budget voor ontwikkeling te reserveren. Scholing is geen vrijblijvende keuze, maar onderdeel van de professionele verantwoordelijkheid.”
Hoe blijf je relevant?
“Door ontwikkelingen in het vak en in de eigen organisatie te blijven volgen. Een auditor moet begrijpen hoe de auditfunctie is gepositioneerd, welke adviezen hij kan geven en wat de organisatie daadwerkelijk nodig heeft. Relevantie ontstaat niet alleen door aan formele verplichtingen te voldoen. Je moet ook waarde toevoegen. Waar dat past bij de opdracht en positionering, moet een auditor verder kijken dan het rapporteren van bevindingen en de organisatie helpen haar beheersing te verbeteren.”
Is uitstroom een verlies?
“Nee, dat hoeft geen verlies te zijn. Het laat juist zien dat de auditachtergrond een sterke loopbaanbasis vormt. Als auditor leer je een organisatie vanuit verschillende perspectieven te bekijken. Die ervaring kun je goed meenemen naar risk, compliance, bestuur of lijnmanagement. Tijdelijk of permanent buiten audit werken kan bovendien nieuwe inzichten opleveren. Veel professionals blijven betrokken bij het vak en onderhouden hun kennis via permanente educatie. De in- en uitstroom kan zowel de professional als het vakgebied verrijken.”
“Een interne auditor die dagelijks in de organisatie werkt, kent de mensen, de cultuur en de informele verhoudingen”
Wat kan SVRO nog doen?
“Naast kwaliteitsbewaking kunnen SVRO en IIA Nederland professionals meer met elkaar verbinden. Vooral kleine of nieuwe auditfuncties hebben behoefte aan praktische ondersteuning bij hun positionering, de opbouw van het auditplan en de bijdrage aan de organisatie. Grote organisaties met volwassen auditfuncties beschikken over veel kennis en ervaring. Het zou goed zijn als we die expertise beter toegankelijk maken voor auditors die alleen of met een klein team een functie moeten opbouwen. Nu ontstaan zulke netwerken vaak spontaan binnen een sector. Daar kunnen wij actiever bij helpen.”
Intern of extern?
“Een interne auditor die dagelijks in de organisatie werkt, kent de mensen, de cultuur en de informele verhoudingen. Die auditor begrijpt beter waarom processen wel of niet functioneren. Een externe partij kan nuttige expertise of extra capaciteit leveren, maar mist soms die voortdurende verbondenheid. Zeker wanneer audits vooral volgens een standaardwerkprogramma worden uitgevoerd, bestaat het risico dat diepere oorzaken buiten beeld blijven. Uitbesteding is daarom niet per definitie verkeerd, maar kennis van de organisatie moet behouden blijven. Audit moet geen vinkje of verplicht nummer zijn. Een organisatie moet een auditfunctie willen, omdat die helpt de beheersing te verbeteren en grote fouten te voorkomen.”
Welke invloed heeft AI?
“AI zal waarschijnlijk een deel van de gestandaardiseerde werkzaamheden ondersteunen of overnemen, zoals analyses van grote hoeveelheden gegevens en audits van routinematige processen. Daardoor verschuift het zwaartepunt van het vak naar vraagstukken die zich niet eenvoudig in een standaardwerkprogramma laten vatten. Denk aan organisaties die er niet in slagen processen duurzaam te verbeteren of steeds dezelfde fouten maken. Bij zulke vraagstukken spelen cultuur, governance, leiderschap en gedrag vaak tegelijk een rol. Om dat te begrijpen, moet je de organisatie kennen. Juist daar kan de operationeel auditor veel waarde toevoegen.”
Waarom kiezen voor RO?
“Omdat je als auditor vrijwel overal mag meekijken en over uiteenlopende onderwerpen vragen mag stellen. Je leert een organisatie in de volle breedte kennen. Bij grote organisaties kun je soms ook internationaal werken. Voor iemand die nieuwsgierig is en wil begrijpen waarom dingen gaan zoals ze gaan, is het een prachtig vak. Je krijgt toegang tot uiteenlopende processen, thema’s en mensen. Die ervaring vormt een brede basis voor de rest van je loopbaan.”

Wat moet er veranderen?
“De bekendheid van de RO-titel moet groter worden. Werkgevers en bestuurders moeten beter begrijpen wat een RO kan en waarom die achtergrond relevant is bij governance en beheersingsvraagstukken. Daarnaast moeten opleiding, registratie en permanente educatie blijven aansluiten op de verschuivende grenzen tussen audit, risk, compliance en governance. We moeten zorgvuldig bepalen welke professionals in het register passen, zonder concessies te doen aan de kwaliteit. Tot slot mogen RO’s zelf trotser zijn op hun opleiding en titel. Het traject bestaat uit een universitaire opleiding, praktijkervaring en onderzoek. De titel krijg je niet zomaar. We mogen duidelijker laten zien welke kennis, ervaring en professionele standaard erachter schuilgaan.”
De auditor van de toekomst
“De auditor van de toekomst combineert vaktechnische kennis met inzicht in gedrag, cultuur, governance en organisatieontwikkeling. Data en technologie worden belangrijker, maar nieuwsgierigheid, oordeelsvermogen en organisatiesensitiviteit blijven doorslaggevend. Wie begrijpt waarom een organisatie functioneert zoals zij functioneert, kan niet alleen vaststellen wat er misgaat, maar ook helpen voorkomen dat dezelfde problemen terugkeren. Daar ligt de blijvende waarde van de RO.”
Over
Drs. Jeannette Morsch RO EMIA CFE is hoofd Internal Audit bij UWV. Daarnaast is zij bestuurslid van het IIA en voorzitter van de SVRO.
Wilt u ook een reactie plaatsen?
Voor het plaatsen van een reactie vereisen wij dat u bent ingelogd. Heeft u nog geen account? Registreer u dan nu. Wilt u meer informatie over deze vereiste? Lees dan ons privacyreglement.